Recent zorgde De Foto van Vlaanderen, een groot maatschappelijk onderzoek in opdracht van VRT, voor veel debat. De cijfers zijn opvallend: 1 op de 3 jongeren tussen 18 en 24 jaar zegt liever geen trans persoon als vriend of vriendin te willen. Ook tegenover Pride-optochten en lessen over seksuele diversiteit zien we bij jongeren meer weerstand dan bij oudere generaties. Vooral jonge mannen denken vaker traditioneel over gender, relaties en macht. 1/6 van de jongens vindt dat in sommige situaties geweld naar vrouwen is toegestaan.
Ik was uitgenodigd bij De Afspraak als expert om het hierover te hebben. Wat mij vooral opvalt, is dat dit geen losstaand Vlaams fenomeen is. We zien dit op veel grotere schaal. Internationale rapporten zoals Tip of the Iceberg en The Next Wave – gepubliceerd door European Parliamentary Forum for Sexual and Reproductive Rights (EPF), waarvan ik ondervoorzitter ben – tonen hoe anti-genderbewegingen in Europa steeds professioneler, beter gefinancierd en politiek invloedrijker worden. Het gaat dus niet zomaar om wat losse meningen van jongeren, maar om een bredere backlash tegen vrouwenrechten, LGBTQIA+-rechten, seksuele opvoeding en gendergelijkheid.
Tegelijk mogen we jongens niet reduceren tot “het probleem”. Mijn punt is net dat we hen te vaak in de steek hebben gelaten. Ze groeien op in een wereld waarin oude mannelijkheidsrollen wankelen, maar waarin ze veel te weinig positieve, aantrekkelijke alternatieven krijgen aangereikt. En dat vacuüm wordt online gretig opgevuld door de manosfeer: influencers die jongens vertellen dat een echte man dominant, rijk, hard en emotioneel onaantastbaar moet zijn.
Maar dat is geen kracht. Het is een beperkend keurslijf waarin jongens leren dat ze vooral hard, dominant en emotioneel afgesloten moeten zijn.
Jongens hebben andere beelden nodig. Een man die iemand uit de brand helpt. Een lieve vader. Een warme partner. Een toffe kleuterleider. Een vriend die durft zeggen dat het niet goed gaat. Een jongen die grenzen respecteert. Een man die niet bang is van gelijkwaardigheid.
Gendergelijkheid is geen verliesverhaal voor jongens. Integendeel: ook jongens raken gekneld in een hard mannelijkheidsmodel waarin ze altijd sterk, dominant, seksueel zeker en emotioneel onkwetsbaar moeten zijn. Dat maakt hen niet vrijer, maar eenzamer. Dat haalde ik ook aan tijdens de uitzending: onderzoek toont al jaren aan dat de gelukkigste, veiligste en meest welvarende samenlevingen net die samenlevingen zijn waar meer gendergelijkheid bestaat. Gelijkheid zorgt niet voor verlies, maar voor meer welzijn, betere relaties, minder geweld en meer vrijheid — voor iedereen.
Daarom moeten we dit gesprek niet voeren tégen jongens, maar mét jongens. Met duidelijke grenzen rond seksisme, homo- en transfobie en geweld, maar ook met erkenning voor hun zoektocht. Want als wij geen beter verhaal over mannelijkheid vertellen, doen anderen het wel. En dat verhaal is vandaag vaak schadelijk voor meisjes en vrouwen, maar ook voor jongens zelf.